Fernando Alonso maakte vanmorgen in Maleisië dan eindelijk zijn officiële debuut in de McLaren-Honda. Daarbij had de Spanjaard het prima naar zijn zin.

“Het voelt geweldig om weer in de auto te zitten”, meldt Alonso, die vanwege een hersenschudding de eerste race in Australië moest laten schieten. Van dat letsel heeft hij nagenoeg geen last meer: “Misschien ben ik na twee weken op de bank wel niet 100 procent fit, maar ik ben fit genoeg. Ik voel me geweldig en ik heb ervan genoten.”

Alonso werd in de ochtendtraining veertiende en ’s middags zestiende – nog niet de posities waar McLaren voor het seizoen op gehoopt had, maar de tweevoudig wereldkampioen is optimistisch. “We hadden geen problemen, en dat is een belangrijke stap”, weet hij. “We verbeteren de aerodynamica, snappen de motor beter, en werken beter met elkaar samen. Elke ronde leren we weer bij.”

Met het rijgedrag van de McLaren is volgens Alonso, die voor zijn gevoel ‘een testdag’ afwerkte, niets mis. “De auto reageert voorspelbaar en is makkelijk te besturen”, vertelt hij. “Hij geeft me het vertrouwen dat ik nodig heb om tot de limiet te gaan. Alleen de remmen reageerden niet altijd even constant, maar dat lossen we vannacht wel op.”

Button

Voor teamgenoot Jenson Button is het nieuwtje van de MP4-30 er al wat meer af, zodat hem goed opviel dat het vanwege de hoge temperatuur in Sepang lastig was de auto stabiel te krijgen. “Er is maar heel weinig grip, dus het voelt in de auto niet zo goed als in Melbourne”, aldus Button (twee keer zeventiende).

Maar ook bij de ervaren Brit overheersen de positieve gevoelens. “We zijn qua snelheid op de korte en de lange runs dichterbij de concurrentie gekomen”, vertelt Button. “We hebben weer veel geleerd over de motor, die trouwens ook meer vermogen levert. Alleen de driveability kan hier en daar nog wat beter.”

Button verwacht dan ook wat meer van de rest van het weekend dan hij aanvankelijk deed: “Misschien zat ik er gisteren naast toen ik voorspelde dat we zondag niet met de anderen zouden kunnen racen. Het zou een enorme stap voor ons zijn als we ons bij de kwalificatie tussen de mensen kunnen scharen die normaal gesproken wat sneller zijn.”