FOTA: ‘Balans vinden tussen techniek en spektakel’
FOTA-voorzitter Martin Whitmarsh geeft aan dat de Formule 1 meer moet doen om de fans gelukkig te houden, zowel qua spanning op de baan als qua interactie.
“Er moet meer spektakel komen in de Formule 1”, erkent Whitmarsh – tevens teambaas van McLaren – in gesprek met Motorsport-Total. “Om dat te bereiken, moeten er dingen veranderen.”
Kunstmatige oplossingen als het gebruiken van identieke bolides, of elke renstal van dezelfde motor voorzien, zijn volgens Whitmarsh geen oplossing: “De Formule 1 is ook een technisch kampioenschap. Technologische vooruitgang en onderlinge verschillen zijn belangrijk. Dat, in combinatie met een startveld van de beste coureurs ter wereld, maakt het zo aantrekkelijk voor de fans. We moeten een goede balans vinden.”
Dat het soms aan spanning ontbreekt in wat de koningsklasse van de autosport genoemd wordt, is volgens Whitmarsh ook deels de aard van het beestje: “Als je de beste coureurs ter wereld in de beste auto’s zet, en je laat ze rijden op de circuits van vandaag de dag, kan het soms zijn dat er weinig ingehaald wordt.”
“In andere raceklassen, zoals ook de GP2, rijden meer slechte teams en brokkenpiloten rond. Daardoor zijn er meer incidenten, worden er veel fouten gemaakt en daaruit komen dan weer inhaalacties en ongevallen voort.”
Whitmarsh geeft verder aan dat het zorgwekkend is dat steeds minder fans naar het circuit trekken om een race vanaf de tribunes te aanschouwen. Volgens hem zijn de toegangsprijzen daar in grote mate debet aan: “De toegangskaarten zijn overdreven duur, vind ik. Wellicht is dat echter aan de Formule 1 zelf te wijten omdat we veel geld vragen aan een organisator om te komen racen. Wij kunnen hier echter niet heel veel aan veranderen, want bij de FOTA richten we ons vooral op de televisie-uitzendingen.”
Wat de band met de fans betreft, kan het volgens Whitmarsh geen kwaad om naar de andere kant van de Atlantische Oceaan te kijken. Hij noemt de Amerikaanse NASCAR-serie namelijk als mogelijk voorbeeld van hoe de zaken beter aangepakt kunnen worden: “Wat marketing en televisie betreft doet NASCAR het beter dan dat wij het doen.”
“Op dat vlak kunnen we wat van ze leren, maar we moeten niet vergeten dat zij zich op een hele specifieke doelgroep richten, terwijl wij een wereldwijd publiek hebben.”