Met bloedend hart namen Sir Frank Williams en dochter Claire afgelopen herfst na 43 jaar afscheid van hun levenswerk, het Formule 1-team. Dorilton Capital werd voor 152 miljoen euro de nieuwe eigenaar van de Britse renstal, die hunkert naar de gloriedagen van weleer.

Het sportieve verval was lange tijd geleden al ingezet, de geldstroom droogde steeds meer op. Het lot van het familiebedrijf uit Grove hing aan een zijden draadje, elk jaar weer stond Williams in de overlevingstand. De renstal die in de vorige eeuw furore maakte en nu vooral teerde op paydrivers, kon op eigen kracht niet overleven. En dus zette de familie het raceteam in de etalage.

Met de overname door Dorilton Capital, een Amerikaanse investeringsmaatschappij, is de toekomst net als de roemruchte naam (voorlopig) gewaarborgd. Dit jaar hoopt Williams, met vers kapitaal, de weg naar boven verder in te slaan. Vorig seizoen bleef het Britse team als enige in het constructeurskampioenschap zonder WK-punt en ontvangt daardoor  opnieuw de minste inkomsten uit F1’s prijzenpot.

Via een nog innigere samenwerking met motorleverancier Mercedes, er worden komend jaar meer onderdelen ingekocht en minder zelf gefabriceerd, hoopt Williams de sprong naar het middenveld te kunnen maken. De hoop is daarbij  gericht op George Russell, die afgelopen jaar al dicht bij een top-10 finish was en als vervanger van Lewis Hamilton in Bahrein zijn reputatie als toptalent bevestigde.