Op de weg terug, dat is McLaren na het spoor jaren bijster te zijn geweest. Het finishte in 2020 als best of the rest en hoopt met een Mercedes-motor en Daniel Ricciardo de laatste stap te zetten.

Die laatste stap, erkent teambaas Andreas Seidl, is wel behoorlijk. Mercedes en Red Bull waren de afgelopen jaren meer dan een maatje te groot en de overstap naar een Mercedes-motor maakt dat verschil niet in één keer goed. “We hebben nog een lange weg te gaan”, zegt de teambaas van de formatie die in 2012 voor het laatst een race won, en wiens laatste titel alweer uit 2008 stamt.

Toch valt de puzzel volgens Seidl steeds beter op zijn plek, en haalde McLaren volgens hem met de bewezen racewinnaar Ricciardo (zeven overwinningen) ‘het laatste puzzelstukje’ binnen. De Aussie is de perfecte graadmeter voor het team, naast de talentvolle maar wat onberekenbare jonge Brit Lando Norris. Op voorhand lijken de goedlachse Ricciardo en Norris misschien vooral een komisch duo te zijn, maar McLaren-topman Zak Brown verwacht ‘vuurwerk’ van en tussen de twee.

Ricciardo vecht om zijn misschien wel laatste kans om tot het selecte rijtje topcoureurs geteld te blijven, Norris moet zich daar überhaupt nog tussen scharen. Teambaas Seidl geeft de twee veel vrijheid op het circuit, maar waarschuwt ook: “We hebben wel spelregels.”