Het budgetplafond in de Formule 1 moet op de schop om de verschillen tussen de topteams en de achterhoede te verkleinen. Adrian Newey (Aston Martin), Allan McNish (Audi) en Marcin Budkowski (Cadillac) staan open voor een systeem waarbij minder succesvolle teams meer financiële ruimte krijgen, zo vertelden ze vrijdag tijdens de FIA persconferentie in Austin.
De discussie over het budgetplafond laaide onlangs opnieuw op nadat Williams-teambaas James Vowles stelde dat de huidige financiële regels een kampioenschap met twee verschillende niveaus in de hand werken. Hij pleitte voor een systeem waarbij de toegestane uitgaven mede afhankelijk worden van de positie in het kampioenschap.
Tijdens de persconferentie in Austin kregen de drie vertegenwoordigers van Aston Martin, Audi en Cadillac de vraag voorgelegd of zij een dergelijke aanpassing zouden steunen.
Newey ziet mogelijkheden. Volgens de topontwerper bestaan er al vergelijkbare mechanismen in de Formule 1, bijvoorbeeld bij de verdeling van windtunneltijd. “Als je kijkt naar zaken als windtunneltests en ook naar de motoren met het ADUO-systeem, dan zie je dat teams die achterlopen meer windtunneltijd of testtijd op de testbank krijgen dan de teams vooraan”, legde Newey uit. “Vanuit dat perspectief is het gemakkelijk om die gedachte door te trekken. Als teams achterlopen, waarom zou je ze dan niet ook een kleine extra financiële ruimte binnen het budgetplafond geven?”
Competitiever kampioenschap
Budkowski gaat nog een stap verder. Volgens de Cadillac-teambaas heeft de invoering van het budgetplafond de bestaande machtsverhoudingen in de Formule 1 deels bestendigd. “Er is een reden waarom de topteams destijds akkoord gingen met het budgetplafond: omdat daarmee een bepaalde voorsprong die ze al hadden, werd vastgelegd. En op dat moment was dat volkomen acceptabel.”
De Pool benadrukt dat hij niet pleit voor kunstmatige prestatieverschillen, zoals bij een Balance of Performance-systeem. Wel vindt hij dat de Formule 1 moet onderzoeken hoe kleinere teams een eerlijkere kans kunnen krijgen om aansluiting te vinden. “Het budgetplafond is cruciaal voor de Formule 1, voor het voortbestaan van de sport en voor het feit dat teams tegenwoordig winstgevende ondernemingen zijn die waarde creëren. Misschien is het nu tijd om het nog iets beter te maken en een competitiever kampioenschap te creëren.”
Ook Audi-vertegenwoordiger Allan McNish onderschrijft het belang van het budgetplafond, al stelt hij zich voorzichtiger op over eventuele wijzigingen. Volgens hem moet de FIA vooral zorgen voor een systeem dat op lange termijn voor alle teams houdbaar blijft. Een concrete wijziging van het budgetplafond is vooralsnog niet aangekondigd.
Lees hier alles over de GP Verenigde Staten
De nieuwste editie van FORMULE 1 Magazine is uit! Haal ‘m nu in de winkel of bestel ‘m online, met gratis bezorging in heel Nederland.