In het voorjaar ben ik altijd jaloers op de wielerfans, met hun klassiekers waar je de klok op gelijk kunt zetten. La Primavera, de Ronde, Parijs-Roubaix (mijn favoriet) en LBL. Schitterende koersen, met de bekende uitzichten, bergen, kasseistroken en regenbuien.

Maar nu zijn wij aan de beurt! Het is eind mei, bijna juni, nu komen onze klassiekers, onze mijlpalen in het jaar. Races die intussen zoveel meer zijn dan alleen races. Rituelen, stammend uit vervlogen tijden, maar ze zijn er nog steeds!

Laatst begon het al, met de Indianapolis 500. Ja, ik weet het: steeds hetzelfde rondje, vier keer linksaf. Maar whooo… die enorme snelheid, voortdurend, de zucht, de meeslependheid van zo’n giga oval. De brutaliteit van die machines, en het lef om buitenom te gaan. Hopelijk zijn jullie niet die sentimentele build-up vergeten, de liederen, de vliegtuigen en de ballonnen. Even mag het, USA.

En vanmiddag volgt de GP van Monaco. Ja, ik weet het: een anachronisme, een optocht, een circuit waar de auto’s van nu niet meer passen. Het zal allemaal wel. Ik hou van anachronismen, ze doen je beseffen dat tijd meer is dan alleen een rechte lijn. Bovendien: zo onvergelijkbaar mooi die auto’s op millimeters langs de vangrail bij het zwembad, door de tunnel, de draai door Mirabeau en één vreemde wending en de hele race staat op z’n kop.

De laatste klassieker is de 24 uur van Le Mans. Ja, ik weet het: een eindeloze rit, de helft in het pikkedonker, maar dat is nu juist het geweldige ervan! Het is de race die  niet ophoudt. Het gouden uur, de koplampen door de schemering en in de ochtend kijken wie er nog over is. Al die verschillende, prachtige auto’s, maar wel 300-plus op de Hunaudières, hè?

Onze klassiekers. Ieder jaar een feest.