Formule 1 duikt elke woensdag voor een Grand Prix in de geschiedenisboeken. Vandaag de vijf meest memorabele edities van de GP van Spanje.

5. 2001
Nog één ronde, en dan mag Mika Häkkinen voor het eerst in het seizoen 2001 de hoogste trede van het podium beklimmen. Hij is gestart als tweede, maar na twee pitstops ligt de Fin comfortabel aan de leiding van de Grand Prix van Spanje. De overwinning lijkt, met nog 4,7 kilometer te gaan, een zekerheid. Totdat Häkkinens McLaren opeens vaart mindert: motorpech. Terwijl er een grote blauwe rookpluim uit Häkkinens auto komt, scheurt Michael Schumacher hem voorbij. De Duitser wint, Häkkinen wordt nog als negende geclassificeerd.

4. 2012
Pastor Maldonado heeft aan zijn F1-carrière de reputatie van een raszuivere brokkenpiloot overgehouden. Maar eerlijk is eerlijk: af en toe kon Crashtor ook een aardig potje sturen. De GP van Spanje in 2012 is zo’n moment. Het veld zit in de beginfase van dat seizoen erg dicht bij elkaar. Iedereen worstelt bovendien met de snel slijtende Pirelli’s. Daardoor kunnen teams uit de middenmoot soms ineens meestrijden om het podium – of meer. In Barcelona is het de beurt aan Maldonado’s stal Williams. De Venezolaan pakt verrassend de pole, en houdt in de race op knappe wijze Fernando Alonso achter zich. Het zal Maldonado’s enige zege blijven.

Zo zagen we Pastor daarna niet vaak meer.

3. 1996
Michael Schumacher heeft vijf races meer nodig voor zijn eerste Ferrari-zege dan Sebastian Vettel negentien jaar later, maar het huzarenstukje dat de Duitser in Spanje levert is er niet minder om. De race op het Circuit de Catalunya is een enorm waterballet, en dat stelt Schumacher in staat zijn eenzame klasse te tonen. Na de start ligt hij zesde, maar nauwelijks tien ronden later heeft hij de leiding in handen. Vervolgens is Schumacher drie seconden per ronde sneller dan de glibberende concurrentie. Aan de finish heeft hij 45 seconden voorsprong op nummer twee Jean Alesi.

Uw cookieinstellingen laten het tonen van deze content niet toe. statistics, marketing Wijzig uw instellingen om deze content te zien.

2. 1975
De organisatie van de GP van Spanje van 1975 is regelrecht broddelwerk. De vangrails langs het stratencircuit op de berg Montjuïc, vlakbij de haven van Barcelona, ziten niet goed vast. Woedende coureurs boycotten de vrije training. Nadat hun eigen monteurs ’s nachts de vangrails hebben verstevigd – en na dreigementen van de organisatoren over rechtszaken en inbeslagname van de auto’s – gaan de meeste coureurs, op Emerson Fittipaldi na, toch van start. Met dramatische gevolgen. De race, vol met crashes, wordt na 29 ronden stilgelegd nadat Rolf Stommelen over een vangrail het publiek in is gevlogen. Vijf toeschouwers komen om.

De vangrails langs het Montjuïc-circuit zaten niet erg stevig in elkaar.

1. 2016
In deze lijst kan er natuurlijk maar één race op nummer één staan. En dat heeft niets met chauvinisme te maken. De F1-wereld weet niet wat ze ziet, als het jonge, maar nog enigszins ruwe talent Verstappen bij zijn eerste race voor topteam Red Bull direct aan de leiding gaat. Oké, er is een sensationele crash van de Mercedessen voor nodig om hem in die positie te brengen, en Verstappen boft met zijn pitstopstrategie – maar eenmaal aan kop, toont Verstappen de koelte, consistentie en professionaliteit van een coureur met tien keer zoveel ervaring. Hij bezwijkt niet onder de druk van Kimi Räikkönen, en wordt de jongste Grand Prix-winnaar aller tijden.

Uw cookieinstellingen laten het tonen van deze content niet toe. statistics, marketing Wijzig uw instellingen om deze content te zien.