*

Het Startnummer: 17

Daan de Geus

Daan de Geus

17 januari 2018 13:00

Het Startnummer: 17
Racepictures

In de rubriek ‘het startnummer’ pakt Formule 1 voor elke dag van de maand januari het bijbehorende startnummer erbij. Aan de hand daarvan diepen we herinneringen op en/of laten we onze gedachten de vrije loop over bijbehorende coureurs, teams en momenten.

Het is niet vaak stil in het mediacentrum. Er wordt altijd wel gepraat, geroddeld en getikt. Maar op 26 juli 2015, op de Hungaroring, is het even doodstil.

In 2013 en 2014 reed Bianchi voor Marussia. In 2014 scoorde hij twee punten in Monaco. Foto: Sutton Images.

Het moment vindt zijn oorsprong op 5 oktober 2014, in Japan: het ongeluk van de Marussia met nummer 17, die van Jules Bianchi. Je denkt eraan terug, in flitsen vooral. Een verregende race op Suzuka. Te laat begonnen? Het is al donker als in ronde 42 (voor de koplopers) Adrian Sutil spint. De gele vlag gaat uit. De gespinde Sauber wordt getoond, al hangend aan een kabel van een groot geel bergingsvoertuig.

De beelden worden afgewisseld met die op de baan. Terug bij de Sauber, staat ineens Bianchi’s naam onderin beeld. Klopt dat? Staat er daar nog één, achterin beeld, haast weggestopt achter de kraan? De regie cut naar de Marussia-pitbox, onduidelijkheid.

Bianchi in actie op Suzuka. Het nummer 17 werd na zijn overlijden uit respect uit de roulatie gehaald door de FIA. Foto: Sutton Images.

Ronde 44: safety car, pitstops. Bocht zeven, Dunlop – waarom staat die Sauber er nog? Er wordt gewerkt áchter de kraan. Er staat écht nog een auto.

Ronde 46: de Marussia-pitbox. Bezorgde blikken. Ineens hangt de rode vlag uit. Een ambulance rijdt de baan op. Na nog geen vijf minuten onder rood is duidelijk dat er geen herstart komt.

Niet veel later komt een video uit. De misselijkmakende crash van Bianchi. Eigenlijk zegt de fotoreeks van Sutil, staand op de plek van het ongeluk, genoeg.

Sutil – op nog geen drie meter afstand, een hand in zijn zij, kan Bianchi recht aankijken, maar kijkt terneergeslagen naar beneden.

Sutil – toekijkend hoe de circuitdokter Bianchi evalueert. Van wat Sutil ongeveer ziet, is ook een foto: de dokter die met beide handen Bianchi’s vizier openhoudt, van de roll hoop achter Bianchi’s hoofd is weinig over.

Sutil – zijn handen in elkaar, als een klein gebed, wegkijkend terwijl de doktoren werken. Aangeslagen doet hij later verhaal. “Ik ben in gedachten bij Jules. Ik denk dat we dat allemaal moeten zijn.”

Een week later is de Formule 1 in Rusland, zonder Bianchi. Hij ligt in het ziekenhuis, kunstmatig in coma, met ernstig hersenletsel. Marussia rijdt met maar één auto. Die van Bianchi, met nummer 17, wordt opgebouwd, maar blijft in de garage. Een moment stilte voor de start. Dan al. Onuitgesproken in de stilte: met Bianchi komt het niet meer goed.

Voor Bianchi leek, als hij zich zo bleef ontwikkelen, een toekomst bij Ferrari weggelegd. Foto: Sutton Images.

Op 17 juli, 2015 overlijdt hij. Bianchi was 25, een talent, een Ferrari-protegé. Hij maakte indruk bij Marussia, was op weg naar Sauber, en daarna? Misschien wel de Scuderia.

Vier dagen na zijn dood wordt Bianchi begraven. Vijf dagen daarna is de Formule 1 in Hongarije. Voor het eerst na meer dan twintig jaar wordt een moment stilte gehouden voor een in het harnas gestorven coureur. Met Bianchi’s familie, vormen de coureurs op de grid een cirkel. Romain Grosjean wenkt Bernie Ecclestone. Bernie bedankt. “Dit moment is voor de coureurs.” Ze hebben hun helmen neergelegd, die van Bianchi in het midden. Daar staan ze, alle twintig. Coureurs, collega’s, rivalen, vrienden, broeders. Sinds Bianchi kennen we allemaal het gevaar weer, maar alleen zij leven er zo direct mee – kiezen ervoor, elke keer dat ze instappen.

Op de normaal zo rumoerige grid is het om kwart voor twee een moment stil. In het mediacentrum gaan de blikken omhoog, naar de tv’s. Ook die van mij. Ik heb al wat races gedaan, maar het is nog niet eens mijn tiende Grand Prix als verslaggever. Ik merk iets op dat me nog niet eerder is opgevallen. In het normaal zo drukke mediacentrum is het, heel even, ongewoon, doodstil.

Bianchi kwam uit een racefamilie met een tragisch verleden. Zijn opa Mauro liep ernstige brandwonden op bij een crash op Le Mans. Zijn oom Lucien verongelukte op datzelfde circuit. Foto: Sutton Images.