Het nieuwe motorreglement in de Formule 1 werpt z’n schaduw vooruit. Voormalig F1-coureur Michael Bleekemolen ziet het met lede ogen aan. “Ik ben bang dat we dit seizoen niet meer vijftien auto’s binnen een seconde gaan zien, zoals afgelopen jaar”, vertelt hij in de nieuwste editie van FORMULE 1 Magazine.

In editie 02/26 van FORMULE 1 Magazine staat een interview met Michael Bleekemolen over de huidige staat van de Formule 1. Lees hieronder alvast een passage uit het verhaal.

Komend F1-seizoen wordt een nieuwe start voor alle teams en coureurs vanwege het motorreglement en de nieuwe regels. Wat verwacht je ervan?

“Nou, ik houd mijn hart vast. Ik ben bang voor grote onderlinge verschillen tussen de teams en dat we niet meer vijftien auto’s binnen een seconde gaan zien, zoals afgelopen jaar. En dat zou een vreselijk gemis zijn voor de sport. We hebben nog nooit zo’n competitief veld in de Formule 1 gehad als vorig seizoen, dat was zó mooi.”

Je vindt het zonde dat eens in de zoveel jaar de regels worden veranderd in het kader van technische innovatie?

“Ik begrijp dat de F1 het imago van innovatieve sport moet houden als proeftuin van de auto-industrie en de nieuwste technieken. De FIA zit daar ook achter. Maar is dit wat de sport beter maakt? Ik wil Pietje tegen Jantje zien vechten en uitremmen. Mij interesseert het niet hoeveel pk ze eruit halen, ik wil gewoon mooie sport zien en met mij de meesten. Het is de eeuwige spagaat waar de sport in verkeert, met innovatie aan de ene kant en competitie aan de andere kant.”

Je hebt zelf Formule 1 gereden in een andere tijd. Vind je het tegenwoordig te gekunsteld geworden?

“Ja, zonder meer. Er zit niets natuurlijks meer in die sport. Alles wordt vastgelegd in regels, dat gaat ten koste van het racen. Bij ons kon je nog een beetje freubelen, maar dat is wel voorbij.”

Bekijk hier de F1-kalender voor 2026


Lees het volledige verhaal met Michael Bleekemolen in de nieuwste editie van FORMULE 1 Magazine! Haal ‘m nu in de winkel of bestel ‘m online, met gratis bezorging in heel Nederland.