Het had lang geduurd, maar in 2014 was hij daar dan eindelijk: de eerste Grand Prix van Rusland. Althans, als je de twee races in de jaren tien van de vorige eeuw niet meetelt.

Pas in 2014 debuteerde een van de machtigste landen ter wereld op de Formule 1-kalender. De locatie lag niet voor de hand: in plaats van Moskou werd gekozen voor olympische stad Sotsji, 1.600 kilometer ten zuiden daarvan.

Tuurlijk, er zijn wel meer Grands Prix die niet in de hoofdstad plaatsvinden, maar in al die jaren dat er over een Russische race werd gesproken, ging het altijd over Moskou. Dat gold ook voor de plannen van Tom Walkinshaw, de voormalige teambaas van Jos Verstappen. Dat was niet direct de meest betrouwbare man van de Formule 1, zoals Verstappen ondervond toen Walkinshaw kort voor aanvang van het seizoen 2002 bezwoer dat zijn stoeltje bij Arrows veilig was, om vlak daarna te vernemen dat Heinz-Harald Frentzen voor Arrows zou uitkomen. Datzelfde jaar viel het doek voor het team. En ook de Grand Prix van Rusland ging niet door.

Perestrojka-president
Het commerciële hedonisme van Bernie Ecclestone en de communistische heilstaat van Jozef Stalin en diens opvolgers lieten zich dan ook moeilijk rijmen. Vóór de Russische Revolutie van 1917 ging het land wel degelijk mee in de vaart der volkeren en in 1913 en 1914 vond er een Grand Prix plaats in de toenmalige hoofdstad Sint-Petersburg. Maar dat jaar brak de Eerste Wereldoorlog uit en het aanzien van de planeet veranderde daarna ingrijpend.

Vijf jaar na de Tweede Wereldoorlog, in 1950, startte het wereldkampioenschap Formule 1. Die sport deden de hoge heren van het politbureau af als verderfelijk kapitalisme en geen haar op hun bontmuts die erover peinsde om zoiets achter het IJzeren Gordijn toe te staan. Wel kwam er in 1960 een eigen Sovjet Formule 1-kampioenschap met een allegaartje aan afgetrapte auto’s, dat zestien jaar standhield.

In de jaren tachtig ging er een andere wind waaien, zo bleek toen er in 1983 voor het eerst sprake was van een Grand Prix van de Sovjet-Unie. Hij prijkte zelfs al op de Formule 1-kalender. De aartsconservatieve Leonid Brezjnev was het jaar ervoor na een lang ziekbed overleden. Zijn kortstondige opvolgers Joeri Andropov (dood in 1984), Konstantin Tsjernenko (dood in 1985) en vooral perestrojka-president Michail Gorbatsjov wilden hun land met brood en spelen uit zijn isolement halen. Maar de race, gepland bij Moskou, kwam er niet.

Opvallend genoeg was het in 1986 Hongarije dat de ban brak met de eerste – en enige – Grand Prix achter het IJzeren Gordijn. Drie jaar daarna begon datzelfde Hongarije, altijd al een opstandige satellietstaat van Rusland, als eerste het prikkeldraad door te knippen. De Sovjet-Unie werd in 1991 ontbonden.

Jaarlijkse afterparty
Tien jaar later ontstonden de plannen voor Walkinshaws circuit, op het eiland Nagatino bij Moskou. Ondanks een toegezegde honderd miljoen dollar overheidsgeld kwam het er niet, net zo min als de Pulkovskoe Ring, eveneens bij Moskou. De Moscow Raceway kwam er in 2012 wel, nota bene van Formule 1-huisarchitect Hermann Tilke, maar de Grand Prix? Nee hoor.

Het tij keerde met twee mijlpalen: de eerste Russische Formule 1-coureur Vitaly Petrov, die in 2010 zijn debuut maakte, en de plannen die dat jaar ontvouwd werden voor de Olympische Winterspelen in Sotjsi 2014. Het olympisch park leende zich uitstekend voor een jaarlijkse afterparty, zo oordeelden de alleenheersers van hun eigen koninkrijken Bernie Ecclestone en Vladimir Poetin. In oktober 2010 werd de race aangekondigd en precies vier jaar later was de eerste Grand Prix van Rusland dan eindelijk een feit. Op 12 oktober 2014 won Lewis Hamilton de race. Poetin kwam hem persoonlijk feliciteren.

Uitzendtijden GP van Rusland
Vrijdag
10:00 – 11:30 1e vrije training
14:00 – 15:30 2e vrije training
Zaterdag
11:00 – 12:00 3e vrije training
14:00 – 15:00 kwalificatie
Zondag
13:10 – 15:10 race

Dit artikel is een aangepaste versie van een artikel uit FORMULE 1 nr. 05, 2017.