*

Het Startnummer: 30

Daan de Geus

Daan de Geus

30 januari 2018 13:00

Het Startnummer: 30
Sutton Images

In de rubriek ‘het startnummer’ pakt Formule 1 voor elke dag van de maand januari het bijbehorende startnummer erbij. Aan de hand daarvan diepen we herinneringen op en/of laten we onze gedachten de vrije loop over bijbehorende coureurs, teams en momenten.

Het record van de jongste Formule 1-coureur ooit is sinds 2015 in handen van Max Verstappen, met 17 jaar en 166 dagen. Daarvoor stond het vijf en een half jaar op naam Jaime Alguersuari, maar dáárvoor mocht Mike Thackwell zich 29 jaar lang de jongste noemen.

Thackwell in 1980.

19 jaar en 192 dagen is hij bij zijn debuut, op 28 september 1980 in Canada, maar de Nieuw-Zeelander had misschien twee races eerder al kunnen debuteren. Het is 30 augustus 1980 als Thackwell voor de tweede kwalificatie instapt bij Arrows. Vaste coureur Jochen Mass is geblesseerd. Thackwell, dan Formule 2-coureur, loopt toch in de paddock, dus instappen, waarom niet? Zonder maar een ronde voorbereiding klimt hij in Arrows’ A3. Hij kwalificeert zich net niet, op enkele tienden. Toch heeft Thackwell indruk gemaakt. De paar ronden in de A3 met nummer 30 zijn tekenend in dat Thackwell gelijk indrukwekkend is, gelijk snel, maar misschien ook te vroeg ingestapt.

Thackwell heeft het racen van huis uit meegekregen. Vader Ray racet, dus groeit de jonge Mike thuis in Nieuw-Zeeland racend met karts en motoren op. Als zestienjarige komt hij naar Engeland. Hij begint in de Formule Ford, de Formule 3 volgt al snel, daarna Formule 2. Hij wint geen titels, maar wel flink wat races. Voor zo’n jonkie al indrukwekkend genoeg. Dan volgt de Formule 1.

Thackwell in de Tyrrell 010 in Canada.

Een kleine maand na zijn mislukte debuut voor Arrows, staat hij in Canada op de grid met een Tyrrell. Een startbotsing waar hij niet eens bij betrokken is, betekent dat zijn debuut nog geen ronde duurt. Hij moet zijn Tyrrell voor de herstart afstaan aan Jean-Pierre Jarier, maar het is genoeg om voor de Formule 1-statistieken als debuut te tellen. Remproblemen in de kwalificatie op Watkins Glen staan een direct vervolg in de weg.

Op een tweede Grand Prix is het vier jaar wachten. In de tussentijd maakt Thackwell wederom furore in de Formule 2, maar heeft in ’81 als twintigjarige ook een enorme crash op het Britse Thruxton. Het verandert hem, vertelt hij later aan Motor Sport Magazine. “Ik had daarvoor geen tijd gehad volwassen te worden, tot ik ineens niet kon rijden. Het veranderde me. Het racen leek niet meer zo belangrijk, was niet meer het enige waar ik aan dacht.” Thackwell racet wel verder, blijft een liefhebber en toptalent. In 1983 wordt hij met topteam Ralt vice-kampioen in de Formule 2, een seizoen later domineert hij met zeven zeges uit elf races – en wint de titel.

Thackwell krijgt de auto van Tyrrell, betrokken in een affaire wegens sjoemelen met het gewicht, niet gekwalificeerd op Hockenheim.

Tussendoor is er in 1984 een Formule 1-uitstapje met Skoal/RAM. Voor het achterhoedeteam kwalificeert hij zich in Canada als 25ste. Hij komt dan wél verder dan een paar honderd meter, maar valt na 29 ronden uit met motorpech. Later dat jaar, in Duitsland, stapt hij weer in bij Tyrrell. Het levert weer geen start op. Op het Hockenheim van toen, met de lange rechte stukken, is Tyrrell als enige team zonder turbomotor kansloos. Het is geen gelukkig huwelijk, Thackwell en de Formule 1. Het wereldje – de politiek, de glitz and glamour, het geld – staat hem tegen. Het blijft bij twee starts.

In 1985 volgt een tweede plek in de Formule 3000 (de opvolger van de Formule 2). Daarna part-time campagnes in diezelfde klasse, sportscars met Sauber, Jaguar en Porsche, Japan, twee Indycar-deelnames en een titel in de Nieuw-Zeelandse Formula Pacific. Zijn laatste race is de F3000 GP van Pau. Daarna stopt hij, 27-jaar oud. Het verhaal van Thackwelll lijkt vooral ‘wat als’ of ‘waar ging het mis’. Hijzelf vatte het, wederom tegenover Motor Sport Magazine, eens treffend samen. “In de auto kon ik de job doen, maar er komt meer bij kijken.” Hij was, achteraf, te jong. Te arrogant aanvankelijk, omdat het racen zo ‘normaal’ was en natuurlijk kwam. “Als je zo jong bent en op zo’n leeftijd zó met jezelf bezig, ga je geloven dat je onverslaanbaar bent.” Naar de Formule 1 kijkt hij al lang niet meer om, al was hij 29 jaar lang de jongste ooit. “De Formule 1 was gewoon niet voor mij.”

Thackwell in 1985, na zijn tijd in de Formule 1, in de Formule 3000.