Het mag geen geheim zijn dat Nikita Mazepin een lastiger Formule 1-debuut kent dan teamgenoot Mick Schumacher. De Rus zet zichzelf regelmatig in de spotlights, al is dat niet om goede redenen. Haas-teambaas Günther Steiner legt uit waarom Mazepin meer worstelt met de VF-21.

Mazepin had gehoopt op een beter debuut in de Formule 1. De Rus spinde meerdere keren in Bahrein en zijn eerste race zat er al na twee bochten op dankzij een crash. Daarna verliep het niet veel beter voor de rookie: ook in Imola maakte hij weinig goede indruk en ook op de vrijdag in Barcelona was hij na enkele minuten al gespind. Dat terwijl teamgenoot Mick Schumacher een stabiele start van zijn Formule 1-carrière meemaakt. Daar is volgens teambaas Günther Steiner een reden voor.

Lees ook: Steiner trekt boetekleed aan voor Mazepin-Perez incident: ‘Moeten beter communiceren’

Mazepin worstelt meer met de VF-21 dan Schumacher. Foto: Motorsport Images

“We moeten gewoon proberen hem een stabielere auto te geven”, vertelt Steiner. “De auto is erg instabiel bij het insturen. Misschien dat Mick daar beter mee om kan gaan dan Nikita, die het vertrouwen wil hebben dat de achterkant stabiel blijft. We moeten ervoor zorgen dat Nikita zich beter kan voelen in de auto, dat hij meer vertrouwen krijgt. Als je geen vertrouwen hebt in de auto, dan zal het erg lastig zijn om deze te besturen. Het is niet makkelijk met de snelheden waarmee ze rijden. Dat is dus wat we proberen te doen”, legt Steiner uit.

De VF-21, zoals de Haas-bolide heet, kent zo haar ‘tekortkomingen’, erkent de teambaas. “Ik bedoel, we weten allemaal dat de auto niet zo goed is. Dat hebben we ook vaker gezegd.” Omdat Mazepin het zwaarder heeft met de Haas ligt de focus binnen het team ook meer op hem. “We kijken zeker naar Mick om te zien waarom hij meer uit de auto kan halen om zo Nikita te helpen op snelheid te komen. De focus ligt dus eigenlijk meer op Nikita, om hem op snelheid te krijgen, dan Mick.”

Lees ook: Steiner ziet Mazepin verbeteren: ‘Zette een grote stap vooruit in Imola’

Steiner benadrukt dat beide rookies gelijk behandeld worden. “Ze hebben allebei dezelfde auto en dat zal ook zo blijven. We zitten pas in het vierde raceweekend. Het is dus nog te vroeg om conclusies te trekken, maar het staat wel vast dat Mick een voorsprong heeft. Maar ik ben er zeker van dat we Nikita ook op dat niveau kunnen krijgen”, besluit de Haas-teambaas.