Een F1-stuur heeft weinig gemeen met het stuur van je auto. Het is een compacte, op maat gemaakte computer met een display, tientallen knoppen en draaischakelaars. Zonder stuur geen Formule 1: de coureur stuurt ermee, maar bedient er ook de motor, de remmen en de communicatie met zijn team mee. In dit artikel legt autocoureur en formule1.nl-columnist Jeroen Bleekemolen uit hoe een F1-stuur werkt.
De knoppen en functies van een F1-stuur
Een F1-stuur is veel meer dan een stuurwiel. Het is het controlecentrum van de auto. Op de rechte stukken, in de bochten en tijdens de start past de coureur tientallen instellingen aan zonder zijn handen van het stuur te halen. Daarom is de vorm ook zo anders dan bij een gewone auto: klein, rechthoekig en met uitsparingen voor de handen.
Hoewel elk team een eigen ontwerp maakt, zijn de belangrijkste onderdelen bij alle auto’s hetzelfde. Midden op het stuur zit een scherm met belangrijke informatie, zoals de gekozen versnelling, het toerental, rondetijden en het verschil met de beste ronde. De coureur ziet in één blik hoe hij ervoor staat, zonder naar een apart dashboard te hoeven kijken.
LEES OOK: De techniek achter een F1-stuur: ‘Niet elke coureur is een Einstein’, zegt Ernest Knoors
Rond het display zitten knoppen en draaischakelaars. Daarmee kan de coureur talloze instellingen aanpassen, waaronder de remverdeling, de motorinstellingen, het differentieel, de snelheidsbegrenzer voor in de pitstraat en de teamradio. Zo kan de auto worden aangepast naar de baan, de banden en de raceomstandigheden. Achter het stuur zitten schakelpaddles. Met de rechterpaddle schakelt de coureur op, met de linker terug. Daarnaast zijn er koppelingspaddles, die vooral bij de start belangrijk zijn. Daarmee regelt de coureur de koppeling om zo snel mogelijk weg te komen.
De nieuwste editie van FORMULE 1 Magazine is uit! Haal ‘m nu in de winkel of bestel ‘m online, met gratis bezorging in heel Nederland.